Ref. 300.2
Dit agendapunt wordt verdaagd naar een latere zitting.
Ref. 316
De gemeenteraad is bevoegd om het ontwerp van personeelsplan voor gemeente en OCMW Galmaarden goed te keuren.
Het personeelsplan werd geëvalueerd door het managementteam en het college van burgemeester en schepenen.
Het decreet over het lokaal bestuur artikel 40, 41, 285-288, 330-334
Het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn
Het besluit van 12 november 2010 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie en het mandaatstelsel van het personeel van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en houdende de minimale voorwaarden voor sommige aspecten van de rechtspositieregeling van welbepaalde personeelsgroepen van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen
Het besluit van de gemeenteraad van 28 juni 2022 houdende goedkeuring aanpassing rechtspositieregeling van toepassing op het gemeente- en OCMW personeel met ingang van 1 juni 2022
Het besluit van de gemeenteraad van 30 juli 2019 houdende de goedkeuring van de omschrijving van het begrip dagelijks personeelsbeheer
Het besluit van de gemeenteraad van 25 januari 2022 houdende goedkeuring personeelsplan voor gemeente- en OCMW-personeel
De kosten verbonden aan de uitvoering van het personeelsplan worden in het strategisch meerjarenplan opgenomen.
Het voorontwerp van personeelsplan van het managementteam.
Het BOC van 16 januari 2023.
Het huidige personeelsplan werd goedgekeurd op de gemeenteraad en raad voor maatschappelijk werlzijn van 25 januari 2022.
Het managementteam heeft tijdens de vergadering van 28 november 2022 onderstaande voorstellen opgemaakt als wijziging na de evaluatie van het personeelsplan. Zoals besproken op de gemeenteraad en RVMW wordt het personeelsplan minstens jaarlijks ter evaluatie voorgelegd aan de raden.
Dit document heeft een bindend karakter waaraan de aanstellende overheid, het college resp. het vast bureau, zich moet houden. Deze materie is bij de opmaak en bij eventuele wijzigingen steeds onderhevig aan een overleg met de vakorganisaties. Eventuele aanwervingen moeten steeds kaderen binnen het personeelsplan en binnen de kredieten voorzien in het gemeentelijk meerjarenplan.
Volgende wijzigingen zijn opgenomen:
De wijziging in de samenstelling van het MAT (afslanking van het aantal leden) is in consensus besproken in het managementteam. De wijziging kwam er om efficiëntieredenen, zowel vanuit de vlotte werking van het managementteam zel als met betrekking tot de takenlast voor het lid zelf.
Vergelijking met het personeelsplan van 25 januari 2022:
|
|
januari 2022 |
oktober 2022 |
| Aangestelde FTE’s |
111,38 FTE |
105,17 FTE |
| Niet ingevulde FTE’s |
15,78 FTE |
8,02 FTE |
| Effectieve prestatie FTE’s |
95,6 FTE |
97,15 FTE |
| Toekomst FTE’s |
113,2 FTE |
114,9 FTE |
| Langdurig zieken |
16 langdurig zieken (12 FTE) |
6 langdurig zieken (4 FTE) |
| Reële kost effectieve prestatie |
3.797.202,02 euro |
4.388.204,11 euro |
| Theoretische kost toekomst |
4.678.935,42 euro |
5.398.055,27 euro |
Het is van belang bij de interpretatie van de loonkosten rekening te houden met de sterke impact (+10%) van de opeenvolgende loonindexeringen in 2022 en 2023.
Artikel 1:
De gemeenteraad keurt de wijzigingen in het personeelsplan goed met ingang van 1 februari 2023.
Ref. 575.04
De gemeenteraad is bevoegd om het gemeentelijk rooilijnplan met bijhorende verrechtvaardigingsnota van Oulstbergstraat/deel en Grunselborrestraat/deel van 22 april 2021, opgemaakt door de ontwerper Arcadis Belgium nv, definitief vast te stellen.
Het decreet over het lokaal bestuur, artikel 40, 41, 285-288, 330-334
Het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019
Het raadsbesluit van 25 oktober 2022 houdende de voorlopige vaststelling van het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan Oulstbergstraat/deel en Grunselborrestraat/deel van 22 april 2021, opgemaakt door de ontwerper Arcadis Belgium nv, en waarbij het college werd gelast dit ontwerp aan een openbaar onderzoek te onderwerpen.
Er werd advies aangevraagd aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken en aan de Deputatie van de provincie Vlaams-Brabant. Er werd binnen de aangegeven termijn, de laatste dag van het openbaar onderzoek 21 december 2022, geen advies ontvangen van deze instanties.
Door Aquafin en Fluvius (Riobra) wordt een gescheiden rioleringsstelsel aangelegd in de Sint-Leonardus/deel, Huismanstraat, Grunselborrestraat, Congobergstraat/deel, Oulstbergstraat en Errebekstraat/deel in de deelgemeente Vollezele. Voor deze werken dienen er wijzigingen aangebracht te worden in de Oulstbergstraat en de Grunselborrestraat waarvoor grondinnemingen moeten worden gerealiseerd zijnde inneming 6 (afd. 2, sectie C, nr. 249D) en inneming 7 (afd. 2, sectie C, nr. 249E) in de Oulstbergstraat en inneming 10A (afd. 2, sectie C, nr. 49E), 11A (afd. 2, sectie C, nr. 49H) en 12A (afd. 2, sectie C, nr. 49G) in de Grunselborrestraat, zoals aangeduid op het grondinnemingsplan van 23 maart 2022, opgemaakt door Arcadis Belgium nv. Om deze grondinnemingen te realiseren werd een ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan met bijhorende verrechtvaardigingsnota opgemaakt door Arcadis Belgium nv.
De gemeenteraad heeft in de zitting van 25 oktober 2022 de verrechtvaardigingsnota van 20 september 2022 en het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan Oulstbergstraat/deel en Grunselborrestraat/deel, opgemaakt door Arcadis Belgium nv op 22 april 2021, voorlopig vastgesteld en het college werd gelast dit ontwerp aan een openbaar onderzoek te onderwerpen.
Het openbaar onderzoek heeft plaats gevonden van 22 november 2022 tot en met 21 december 2022 en er werden geen bezwaren ingediend.
De gemeenteraad keurt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan met bijhorende verrechtvaardigingsnota van Oulstbergstraat/deel en Grunselborrestraat/deel van 22 april 2021, opgemaakt door de ontwerper Arcadis Belgium nv, definitief goed.
Artikel 1:
De gemeenteraad keurt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan met bijhorende verrechtvaardigingsnota van Oulstbergstraat/deel en Grunselborrestraat/deel van 22 april 2021, opgemaakt door de ontwerper Arcadis Belgium nv, definitief goed.
Artikel 2:
De dienst grondgebiedzaken - infrastructuur bezorgt een kopie van dit besluit aan Aquafin en Fluvius.
Ref. 575
De gemeenteraad is bevoegd om het grondinnemingsdossier voor de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel in de Sint-Leonardus/deel, Huismanstraat, Grunselborrestraat, Congobergstraat/deel, Oulstbergstraat en Errebekstraat/deel in de deelgemeente Vollezele, voor innemingen 6 (afd. 2, sectie C, nr. 249D) en 7 (afd. 2, sectie C, nr. 249E) in de Oulstbergstraat en innemingen 11A (afd. 2, sectie C, nr. 49H) en 12A (afd. 2, sectie C, nr. 49G) in de Grunselborrestraat definitief goed te keuren.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40, 41, 285-288, 330-334
Het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019
Het Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017
Het collegebesluit van 21 november 2022 betreffende de aanleg gescheiden rioleringsstelsel in de Sint-Leonardus/deel, Huismanstraat, Grunselborrestraat, Congobergstraat/deel, Oulstbergstraat en Errebekstraat/deel in de deelgemeente Vollezele: goedkeuren overeenkomsten voor innemingen 6, 7 en 10 en aanstellen notaris voor opmaak ontwerpakten
Het collegebesluit van 12 oktober 2022 betreffende de aanleg gescheiden rioleringsstelsel in de Sint-Leonardus/deel, Huismanstraat, Grunselborrestraat, Congobergstraat/deel, Oulstbergstraat en Errebekstraat/deel in de deelgemeente Vollezele: goedkeuren overeenkomsten voor innemingen 11 en 12 en aanstellen notaris voor opmaak ontwerpakten
Het gemeenteraadsbesluit van 25 oktober 2022 betreffende de aanleg gescheiden rioleringsstelsel in de Sint-Leonardus/deel, Huismanstraat, Grunselborrestraat, Congobergstraat/deel, Oulstbergstraat en Errebekstraat/deel in de deelgemeente Vollezele: voorlopige vaststelling van het ontwerp van rooilijnplan Oulstbergstraat/deel en Grunselborrestraat/deel
Voor deze opdracht is een krediet goedgekeurd dat beschikbaar is in de jaarbudgetrekening onder actie ACT-80/0200-00/22400007.
Door Aquafin en Fluvius (Riobra) wordt een gescheiden rioleringsstelsel aangelegd in de Sint-Leonardus/deel, Huismanstraat, Grunselborrestraat, Congobergstraat/deel, Oulstbergstraat en Errebekstraat/deel in de deelgemeente Vollezele. Voor deze werken dienen er wijzigingen aangebracht te worden in de Oulstbergstraat en de Grunselborrestraat waarvoor grondinnemingen moeten worden gerealiseerd zijnde inneming 6 (afd. 2, sectie C, nr. 249D) en inneming 7 (afd. 2, sectie C, nr. 249E) in de Oulstbergstraat en inneming 10A (afd. 2, sectie C, nr. 49E), 11A (afd. 2, sectie C, nr. 49H) en 12A (afd. 2, sectie C, nr. 49G) in de Grunselborrestraat, zoals aangeduid op het grondinnameplan van 23 maart 2022, opgemaakt door Arcadis Belgium nv. Om deze grondinnemingen te realiseren werd een ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan met bijhorende verrechtvaardigingsnota opgemaakt door Arcadis Belgium nv.
Het college van burgemeester en schepenen heeft in zitting van 21 september 2022 notaris Nathalie Stadsbader uit Galmaarden aangesteld voor de opmaak van de ontwerpakten voor de innemingen 6 - perceel 249D en 7 – perceel 249E en in de zitting van 12 oktober 2022 notaris Nathalie Stadsbader uit Galmaarden aangesteld voor de opmaak van de ontwerpakten voor de innemingen 11A - perceel 49H en 12A – perceel 49G.
De gemeenteraad heeft in de zitting van 25 oktober 2022 de verrechtvaardigingsnota van 20 september 2022 en het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan Oulstbergstraat/deel en Grunselborrestraat/deel, opgemaakt door Arcadis Belgium nv op 22 april 2021, voorlopig vastgesteld en het college werd gelast dit ontwerp aan een openbaar onderzoek te onderwerpen. Het openbaar onderzoek heeft plaats gevonden van 22 november 2022 tot en met 21 december 2022 en er werden geen bezwaren ingediend.
Voor grondinname 6 werd een overeenkomst gratis grondafstand opgesteld op 30 juli 2021 en voor grondinname 7 werd een overeenkomst gratis grondafstand opgesteld op 2 augustus 2021.
Voor de grondinnamen 11A en 12A werden de onderhandelingen in der minne afgerond met een ondertekende verkoopbelofte op 7 september 2022 voor een totale vergoeding van 2.016,90 euro voor de eigenaars en een ondertekende pachtverbrekingsovereenkomst op 7 september 2022 voor een totale pachtverbrekingsvergoeding van 268,92 euro voor de pachter.
De ontwerpakte werd op basis van deze verkoopsovereenkomsten opgemaakt door notaris Nathalie Stadsbader uit Galmaarden.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd het grondinnemingsdossier voor de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel in de Sint-Leonardus/deel, Huismanstraat, Grunselborrestraat, Congobergstraat/deel, Oulstbergstraat en Errebekstraat/deel in de deelgemeente Vollezele voor innemingen 6 (afd. 2, sectie C, nr. 249D) en 7 (afd. 2, sectie C, nr. 249E) in de Oulstbergstraat en innemingen 11A (afd. 2, sectie C, nr. 49H) en 12A (afd. 2, sectie C, nr. 49G) in de Grunselborrestraat zoals aangeduid op het grondinnameplan van 23 maart 2022, opgemaakt door Arcadis Belgium nv, de vergoedingsregeling voor een totaal bedrag van 2.285,82 euro definitief goed te keuren en de ontwerpakten opgemaakt door notaris Nathalie Stadsbader uit Galmaarden definitief goed te keuren.
Artikel 1:
De gemeenteraad keurt het grondinnemingsdossier voor de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel in de Sint-Leonardus/deel, Huismanstraat, Grunselborrestraat, Congobergstraat/deel, Oulstbergstraat en Errebekstraat/deel in de deelgemeente Vollezele voor innemingen 6 (afd. 2, sectie C, nr. 249D) en 7 (afd. 2, sectie C, nr. 249E) in de Oulstbergstraat en innemingen 11A (afd. 2, sectie C, nr. 49H) en 12A (afd. 2, sectie C, nr. 49G) in de Grunselborrestraat zoals aangeduid op het grondinnameplan van 23 maart 2022, opgemaakt door Arcadis Belgium nv, de vergoedingsregeling voor een totaal bedrag van 2.285,82 euro definitief goed.
Artikel 2:
De gemeenteraad keurt de ontwerpakten en bijhorende afrekeningsnota's met een totaalbedrag van 4.459,21 euro opgemaakt door notaris Nathalie Stadsbader uit Galmaarden goed.
Artikel 3:
De dienst grondgebiedzaken - infrastructuur bezorgt een kopie van dit besluit aan Aquafin, Fluvius en notaris Nathalie Stadsbader.
874.4_VBV_2022.05
OMV_2022136392
575.22_TOL_BW_9
Het college van burgemeester en schepenen heeft de aanvraag ingediend door consoorten Dehandschutter p/a te Hernestraat 73 te 1570 Galmaarden, ontvangen.
De aanvraag werd ontvangen op 17 oktober 2022.
De aanvraag werd ontvankelijk en volledig verklaard op 9 november 2022.
De aanvraag heeft betrekking op een terrein met als adres Hernestraat 33 en met als kadastrale omschrijving (afd. 3) sectie C 268 X en (afd. 3) sectie C 268 G.
Het betreft een aanvraag tot het verkavelen van gronden, kort omschreven gaat het over het creëren van drie kavels bestemd voor het oprichten van ééngezinswoningen in open verband en in halfopen verband.
De gemeenteraad is bevoegd voor het vaststellen van de rooilijn.
Het decreet over het lokaal bestuur, artikel 40, 285-288, 330-334
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning (Omgevingsdecreet)
Het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning (Omgevingsbesluit)
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009
Het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen
Het college van burgemeester en schepenen heeft deze aanvraag onderzocht, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen, in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten.
Bevoegde overheid
Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd voor de behandeling van de aanvraag, aangezien:
Procedure
De aanvragen die de vereenvoudigde procedure doorlopen, zijn limitatief opgesomd in de artikelen 11 tot en met 14 van het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Het project komt in deze artikelen niet voor. Bijgevolg wordt de gewone procedure gevolgd. Dit houdt in dat er een openbaar onderzoek georganiseerd wordt.
Beschrijving van de plaats
Door de reeds bestaande bebouwing en de reeds aanwezige infrastructuur is de ordening van het gebied gekend. De bouwplaats is gelegen in een gebied dat hoofdzakelijk bestaat uit ééngezinswoningen die in open verband zijn opgericht.
Op het betrokken perceel bevindt zich een ééngezinswoning opgericht in open verband, op ruime afstand uit de linkse zijdelingse perceelgrens met de Processiestraat, op normale afstand uit de rechtse zijdelingse perceelgrens, op voldoende afstand uit de achterste perceelgrens en op normale afstand uit de as van de voorliggende weg. Op de rechts aanpalend perceel bevindt zich ééngezinswoningen opgericht op normale afstand uit de perceelgrenzen en de rijweg.
Thans rust op de tuinzone, links van de woning, een verkaveling goedgekeurd door het college op datum van 24 januari 1978, bij het departement Omgeving Vlaanderen bekend onder het nummer 82/V/25 en bij de gemeente bekend onder het nummer 874.2.77.29. Deze verkaveling is voor het terrein van de aanvraag niet vervallen. Het betreft lot 1 bestemd voor het oprichten van een woning in open verband langsheen de Hernestraat.
Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
Het project voorziet in het creëren van drie kavels bestemd voor het oprichten van ééngezinswoningen in open verband en in halfopen verband. Eén kavel voor het oprichten van een ééngezinswoning in open verband langsheen de Hernestraat en twee kavels bestemd voor het oprichten van een ééngezinswoning in open verband langsheen de Processiestraat. Langsheen de Processiestraat is een grondafstand voorzien voor een nieuwe rooilijn van 5 m uit de wegas.
Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 23 november 2022 tot 22 december 2022.
Er werd één bezwaarschrift en een digitaal bezwaar ingediend. Beide bezwaren zijn identiek van dezelfde bezwaarindiener.
Inhoud van het bezwaar
Bij dezer dien ik een bezwaar in tegen het creëren van 3 kavels bestemd voor het oprichten van ééngezinswoningen in open verband en in half verband te Tollembeek 1570, Processiestraat-Hernestraat.
voor de volgende reden:
Project gedeeltelijk gelegen in agrarisch gebied, dus niet bestemd voor 2 bijkomende kavels in agrarisch gebied
Aanvankelijk: één woning kan verkaveld worden
Toegang tot de twee bijkomende woningen half openbebouwing via Processiestraat te Tollembeek, niet voorzien aanvankelijk, gedeeltelijk in agrarisch gebied. Drie woningen in plaats van 1 toegekende verkaveling voor 1 woning. Indien de gemeente Galmaarden deze twee bijkomende bouwgronden toelaat in gedeeltelijk agrarisch gebied, dient de gemeente Galmaarden de Processiestraat ook te laten als woongebied. Dit zal rechtspraak uitmaken voor de toekomst, het mogelijk maken om een bouwvergunning aan te vragen en te bekomen op agrarisch gebied in de Processiestraat te Tollembeek.
Behandeling van het bezwaar
Het bezwaar heeft geen betrekking op de wijziging van de rooilijn van de Processiestraat.
Rooilijn en reservatiestrook
De Processiestraat (buurtweg nr. 9) heeft volgens de atlas der buurtwegen ter hoogte van het goed een breedte van ongeveer 5 m tot 5,5 m. Voor het verwezenlijken van de toekomstige wegeniszate is het aangewezen minstens binnen de grenzen van het goed een rooilijn van 5 m uit de as van de weg vast te stellen, en dit in het geval de aanvraag voor vergunning in aanmerking komt.
Artikel 1:
De gemeenteraad stelt de rooilijn van de Processiestraat (buurtweg nr. 9) binnen de grenzen van het goed, gelegen Hernestraat 33 en met als kadastrale omschrijving (afd. 3) sectie C 268 X en (afd. 3) sectie C 268 G, een rooilijn van 5 m uit de as van de weg vast en dit onder voorbehoud van het verkrijgen van de nodige verkavelingsvergunning.
642.91
De gemeenteraad is bevoegd om het reglement over de begraafplaatsen goed te keuren.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40, 41, 2°, 330-334
De wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, artikel 15bis, §2, tweede lid, artikel 23bis en artikel 32
Het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, met latere wijzigingen
Het besluit van de Vlaamse Regering van 14 mei 2004 tot organisatie, inrichting en beheer van begraafplaatsen en crematoria, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 2 december 2005
De omzendbrief BB 2008/05 betreffende wijziging van het Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, bij het Decreet van 18 april 2008
Het besluit van de gemeenteraad van 26 november 2019 over de goedkeuring reglement over de gemeentelijke begraafplaatsen Galmaarden, Herhout, Tollembeek en Vollezele
Het reglement over de begraafplaatsen werd geëvalueerd.
De artikelen die aanleiding gaven tot interpretatie werden bijgewerkt om meer duidelijkheid te creëren. Ook het ondertussen bijgewerkte aanbod van urnenkelders werd toegevoegd.
De aanpassingen kunnen in voege gaan vanaf 1 februari 2023.
Raadslid Goegebuer dient volgende amendementen in namens de GB.G-fractie:
7. personen die vroeger in het bevolkings- of vreemdelingenregister van Galmaarden waren ingeschreven, maar wiens wens het was om in Galmaarden begraven te worden. Deze wens moet blijken uit een schriftelijk opgemaakt en niet herroepen wilsbeschikking.
Stemmen voor: 7 (Rudy Thiebaut, Gerda Persoons, Filip Durant, Etienne Mignon, Michel De Bock, Daniel Fonteyne, Henk Goegebuer)
Stemmen tegen: 11 (Patrick Decat, Ludo Persoons, Marleen Merckaert, Ludo Van Paepegem, Kurt Penninck, Gunther De Smedt, Melissa Van Eesbeek, Veerle Dero, Jo Stalpaert, Rita Paindavin, Kim Bonduelle)
Dit amendement wordt niet aanvaard.
De overledene moet in een doodskist of een ander lijkomhulsel geplaatst worden. Het gebruik van omhulsel, die de natuurlijke en normale ontbinding van het lijk of de crematie beletten, is verboden.
Met eerbied voor een afgesproken ceremonie waar plaats is voor een bepaald eerbetoon en afscheidsritueel, wordt het toezicht op vervoer en begraving ordelijkheid en welvoeglijkheid uitgeoefend door de gemeenteoverheid.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard op voorwaarde dat dit onder hoofdstuk 3 wordt toegevoegd.
Deze niet-geconcedeerde graven zijn steeds voorzien voor 1 persoon en kunnen niet uitgebreid worden naar meerdere personen.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
4. Een concessieaanvraag kan zelfs nadien ingediend worden indien het aanvankelijk een niet-geconcedeerd graf betreft.
Dit amendement wordt aangevuld met een subamendement van schepen Ludo Persoons, met name de toevoeging van volgende bepaling:
In voorkomend geval kan er geen gebruik gemaakt worden van het oorspronkelijke niet-geconcedeerde perceel, maar dient men een perceel in de zone voor geconcedeerde graven in concessie te nemen. Bijgevolg dient hier verwezen te worden naar het hoofdstuk 5: opgravingen, herbegravingen en ontruimingen.”
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement en subamendement worden aanvaard.
Stemmen voor: 1 (Henk Goegebuer)
Stemmen tegen: 17 (Patrick Decat, Ludo Persoons, Marleen Merckaert, Ludo Van Paepegem, Kurt Penninck, Gunther De Smedt, Melissa Van Eesbeek, Veerle Dero, Jo Stalpaert, Rita Paindavin, Kim Bonduelle,
Rudy Thiebaut, Gerda Persoons, Filip Durant, Etienne Mignon, Michel De Bock, Daniel Fonteyne)
Dit amendement wordt niet aanvaard.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
Opgravingen voor het verstrijken van de tienjarige grafrust zijn enkel mogelijk op bevel van de gerechtelijke overheid, die de voorwaarden daartoe bepaalt.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
De aanvraag (schrapping : tot opgraving of) herbegraving dient door de meest belanghebbende schriftelijk te worden gericht aan de burgemeester. Onverminderd het recht van de burgemeester om in de toelating bijzondere voorwaarden op te leggen, moeten steeds volgende beschikkingen worden nageleefd:
1. dag en uur waarop de herbegraving zal geschieden, worden in overleg met de dienst van de begraafplaatsen vastgesteld;
2. het grafteken, de beplantingen en alle andere voorwerpen die het openleggen van het graf kunnen bemoeilijken of beletten, moeten verwijderd worden door de aanvrager vooraleer tot de herbegraving wordt overgegaan;
3. behoudens een gerechtelijke opgraving geschiedt het openleggen van het graf, het openen van de grafkelders, het lichten van de kist uit het graf en het vullen van de kuil, door de zorgen van een private onderneming op kosten van de aanvrager en dit onder toezicht van een gemachtigd ambtenaar;
4. het openen van de nis, het uitnemen van de urn uit de nis en het terug sluiten van de nis geschieden door de zorgen van de gemeente.
Stemmen voor: 1 (Henk Goegebuer)
Stemmen tegen: 11 (Patrick Decat, Ludo Persoons, Marleen Merckaert, Ludo Van Paepegem, Kurt Penninck, Gunther De Smedt, Melissa Van Eesbeek, Veerle Dero, Jo Stalpaert, Rita Paindavin, Kim Bonduelle)
Onthoudingen: 6 (Rudy Thiebaut, Gerda Persoons, Filip Durant, Etienne Mignon, Michel De Bock, Daniel Fonteyne)
Dit amendement wordt niet aanvaard.
Behalve bij gerechtelijk bevel worden vanaf 1 oktober tot 30 november en op zaterdagen en zon- en feestdagen geen herbegravingen verricht. Tijdens de op- of herbegraving wordt de plaats ervan voor het publiek visueel afgeschermd en geheel of gedeeltelijk afgesloten.
Er moet tot een herbegraving worden overgegaan in aanwezigheid van de grafmaker en een gemachtigde door de burgemeester aangesteld.
Zij zien erop toe dat de welvoeglijkheid en de openbare gezondheid worden beschermd op kosten van de aanvrager.
Bij de op- of herbegraving moet het kerkhof geheel of gedeeltelijk gesloten worden.
Stemmen voor: 1 (Henk Goegebuer)
Stemmen tegen: 11 (Patrick Decat, Ludo Persoons, Marleen Merckaert, Ludo Van Paepegem, Kurt Penninck, Gunther De Smedt, Melissa Van Eesbeek, Veerle Dero, Jo Stalpaert, Rita Paindavin, Kim Bonduelle)
Onthoudingen: 6 (Rudy Thiebaut, Gerda Persoons, Filip Durant, Etienne Mignon, Michel De Bock, Daniel Fonteyne)
Dit amendement wordt niet aanvaard.
Ontruimingen kunnen plaatsvinden nadat de termijn van een graf of nis, om welke reden ook, verlopen is.
Toevoegen: Het verwijderen van een grafteken, graf- of herdenkingssteen of aanplantingen is geen ontruiming en bijgevolg niet toegelaten behoudens toestemming van (een) nabestaande(n) of (een) belanghebbende(n).
In het geval de ontruiming betrekking heeft op één of meer niet-gecremeerde lichamen, zullen de onverteerde resten in een hiertoe aangewezen, algemeen graf geplaatst worden. In het geval de ontruiming betrekking had op één of meer gecremeerde lichamen, dan zal de as worden uitgestrooid op de daartoe bestemde plaats of op de andere wijzen zoals bepaald in artikel 24. De graven op de kinderbegraafplaatsen en de sterretjesweide komen nooit in aanmerking voor ontruiming.
Stemmen voor: 7 (Rudy Thiebaut, Gerda Persoons, Filip Durant, Etienne Mignon, Michel De Bock, Daniel Fonteyne, Henk Goegebuer)
Stemmen tegen: 11 (Patrick Decat, Ludo Persoons, Marleen Merckaert, Ludo Van Paepegem, Kurt Penninck, Gunther De Smedt, Melissa Van Eesbeek, Veerle Dero, Jo Stalpaert, Rita Paindavin, Kim Bonduelle)
Dit amendement wordt niet aanvaard.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
5. Ongeacht het begravingstype zullen de graftekens steeds de naam, voornaam en de datum of het jaartal van geboorte en overlijden (en eventueel de naam, de voornaam van de nog levende echtgeno(o)t(e) of wettelijke samenwoner, vermelden).
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
Het college van burgemeester en schepenen kan autonoom of in overleg met de betrokken belanghebbende(n) beslissen welke graven van lokaal historisch belang zijn.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
Eenparig goedgekeurd.
Dit amendement wordt aanvaard.
Op elke gemeentelijke begraafplaats worden geestelijken of belangrijk, erkend vrijzinnig voorganger, die vallen onder artikel 3 (punten 1-5), geëerd.
Stemmen voor: 1 (Henk Goegebuer)
Stemmen tegen: 17 (Patrick Decat, Ludo Persoons, Marleen Merckaert, Ludo Van Paepegem, Kurt Penninck, Gunther De Smedt, Melissa Van Eesbeek, Veerle Dero, Jo Stalpaert, Rita Paindavin, Kim Bonduelle,
Rudy Thiebaut, Gerda Persoons, Filip Durant, Etienne Mignon, Michel De Bock, Daniel Fonteyne)
Dit amendement wordt niet aanvaard.
Alle gemeenteraadsleden verklaren zich akkoord met de noodzakelijke hernummering van de artikelen en hoofdstukken naar aanleiding van de goedgekeurde amendementen.
Artikel 1:
Het reglement over de begraafplaatsen Galmaarden, Herhout, Tollembeek en Vollezele, wordt als volgt goedgekeurd:
HOOFDSTUK 1: ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1: Begraafplaatsen – openingsuren
De gemeente Galmaarden beschikt over 5 begraafplaatsen:
Galmaarden : Waterschaapstraat
Tollembeek: Plaats
Tollembeek: Winterkeer
Vollezele: Repingestraat
Vollezele: Oudstrijdersplein (gesloten, enkel in gebruik voor eventuele bijzettingen)
De gemeentelijke begraafplaatsen zijn toegankelijk voor bezoekers van zonsopgang tot zonsondergang.
De begraafplaatsen zijn enkel toegankelijk voor personen en niet voor voertuigen (uitgezonderd: dienstvoertuigen en lijkwagens).
De begraafplaatsen kunnen tijdens de openingsuren op bevel van de burgemeester tijdelijk voor het publiek gesloten worden.
Artikel 2: Voorzieningen
Iedere begraafplaats beschikt over percelen voor het begraven in volle grond, grafkelders, columbaria, een urnenveld, urnenkelder, een strooiweide en een sterretjesweide (kinderbegraafplaats voor doodgeboren kinderen).
Artikel 3: Wie kan begraven worden
De gemeentelijke begraafplaatsen zijn bestemd voor de begraving, de bijzetting of de asverstrooiing van:
1. personen die op het grondgebied van Galmaarden overleden zijn;
2. personen die op datum van overlijden ingeschreven waren in het bevolkings-, vreemdelingen of wachtregister van Galmaarden;
3. personen die effectief in Galmaarden wonen, doch krachtens wettelijke bepalingen of internationale overeenkomsten vrijgesteld zijn van inschrijving in de gemeentelijke bevolkings- of vreemdelingenregisters;
4. personen die vroeger in het bevolkings- of vreemdelingenregister van Galmaarden waren ingeschreven, maar die door het OCMW van Galmaarden in een instelling buiten de gemeente werden geplaatst en tot aan hun overlijden ten laste gebleven zijn van het OCMW van Galmaarden;
5. personen die in de gemeente Galmaarden gehuisvest waren, maar overleden zijn in een rusthuis, revalidatiecentrum, ziekenhuis, … of bij familieleden buiten de gemeente;
6. personen begunstigd met een recht van begraving door middel van een concessie.
De hoger vermelde personen kunnen naar wens begraven worden op één van de begraafplaatsen van de gemeente.
Artikel 4: Tijdstip van begraving
Begraving is mogelijk op werkdagen en zaterdagen van 9.00u tot 16.00u.
Het is niet toegelaten een begraving, asverstrooiing of bijzetting in een columbarium uit te voeren op zon- en feestdagen en vastgelegde verlofdagen door de gemeente.
De wettelijke feestdagen zijn:
1 januari - Pasen – Paasmaandag - 1 mei – Hemelvaartsdag – Pinksteren – Pinkstermaandag - 21 juli - 15 augustus - 1 november - 11 november – 25 december.
De vastgelegde verlofdagen zijn::
eerste werkdag van het jaar - 11 juli - 2 november - 24 december (namiddag) - 26 december – 31 december (namiddag).
Het gemeentebestuur geeft toelating tot begraven en bepaalt de plaats en het tijdstip hiervan.
De aanvraag dient te gebeuren via het vooropgestelde document tot begraven, opgemaakt door de gemeente Galmaarden, vermeldt de gegevens van de aanvrager en de rechthebbenden, het type van begraving en de eventuele concessie.
Artikel 5: Kosteloze begraving
Behoudens het verlenen van een concessie is de begraving van het stoffelijk overschot of de bewaring van de as in een nis (columbarium) of urneveldgraf van de personen, vermeld in artikel 3 (1-5) geheel kosteloos en dit voor een periode van minstens 10 jaar, te tellen vanaf de begraving van de overleden persoon.
Deze niet-geconcedeerde graven zijn steeds voorzien voor 1 persoon en kunnen niet uitgebreid worden naar meerdere personen.
Artikel 6: Grafrust
Behoudens in geval van een gerechtelijk bevel tot opgraving bedraagt de verplichte grafrust nooit minder dan 10 jaar.
HOOFDSTUK 2 : CONCESSIES
Artikel 7: Definitie
Het verlenen van een concessie door de gemeentelijke overheid houdt de toekenning in van de ingebruikneming van een nis of perceel grond voor de opberging van niet-gecremeerde of gecremeerde lichamen maar houdt geen verhuring noch verkoop in. Er mag aan de concessie nooit een andere bestemming worden gegeven dan die waarvoor ze werd verleend. De concessies zijn niet overdraagbaar.
Artikel 8: Voorwerp
1. Eenzelfde concessie kan dienen voor de aanvrager, zijn echtgenoot, zijn bloed- of aanverwanten evenals voor allen daartoe aangewezen door de concessiehouder en die daartoe bij de gemeentelijke overheid hun wil te kennen hebben gegeven;
2. Wanneer iemand overlijdt terwijl hij op dat ogenblik met één of meer andere personen een feitelijk gezin vormde, kunnen deze andere personen ieder een concessie aanvragen;
3. Elke persoon kan een concessieaanvraag indienen ten behoeve van een derde.
4. Een concessieaanvraag kan zelfs nadien ingediend worden indien het aanvankelijk een niet-geconcedeerd graf betreft. In voorkomend geval kan er geen gebruik gemaakt worden van het oorspronkelijke niet-geconcedeerde perceel, maar dient men een perceel in de zone voor geconcedeerde graven in concessie te nemen. Bijgevolg dient hier verwezen te worden naar het hoofdstuk 5: opgravingen, herbegravingen en ontruimingen.
Artikel 9: Aanvraag
Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd om de concessies te verlenen.
De concessie wordt via de begrafenisondernemer aangevraagd bij het gemeentebestuur via het vooropgestelde document tot begraven.
De vergunningen worden enkel toegestaan op de plaatsen daarvoor aangewezen op de begraafplaatsen. Enkel het gemeentebestuur bepaalt de plaats van begraving.
Een grondconcessie kan slechts aangekocht worden vanaf het overlijden van de eerste persoon, die in de concessie zal geplaatst worden. De termijn van deze concessie zal ingaan op datum van het collegebesluit. De concessies zullen in volgorde van begraven ingenomen worden. Van dit principe kan door het college van burgemeester en schepenen slechts worden afgeweken op basis van een gemotiveerde schriftelijke aanvraag.
Artikel 10: Mogelijke types concessie
Gewone grond (kist): 30 jaar / 1 of 2 personen
Gewone grond (kist): 50 jaar / 1 persoon, enkel mogelijk voor de omzetting van een eeuwigdurende concessie.
Kelder: 30 jaar / 1 of 2 personen
Kelder: 50 jaar / 1 of meerdere personen, enkel mogelijk voor de omzetting van een eeuwigdurende concessie.
Gekochte grond urnen: 30 jaar / 1 of 2 personen
Urnenkelder: 30 jaar / 1 of 2 personen
Columbarium 30 jaar / 1 of 2 personen
Columbarium 50 jaar / 1 of 2 personen, enkel mogelijk voor de omzetting van een eeuwigdurende concessie.
Artikel 11 : Hernieuwing van een bestaande concessies
Hernieuwing van een bestaande concessie voor 2 of 3 personen :
Een bestaande concessie voor 2 of 3 personen kan altijd hernieuwd worden, maar dient verplicht hernieuwd te worden indien bij de begraving van de tweede en derde persoon de resterende looptijd van de bestaande concessie kleiner is dan 10 jaar. Hierdoor kan de verplichte grafrust van 10 jaar immers niet gegarandeerd worden (zie Artikel 6).
De looptijd van de hernieuwde concessie zal steeds zal steeds 30 jaar zijn.
De eeuwigdurende concessie kan telkens na 50 jaar en zonder retributie op aanvraag van een nabestaande hernieuwd worden.
In geval van hernieuwing van de concessie voor het verstrijken van de normale looptijd wordt de retributie proportioneel berekend op het aantal jaren dat de hernieuwde concessie de vervaldatum van de vorige concessie overschrijdt en dit volgens onderstaande formule:
Aantal jaren van de nieuwe concessietermijn, die de lopende concessietermijn overschrijdt / looptijd nieuwe concessie x de retributie voor de nieuwe concessietermijn.
Artikel 12: Duur
Een concessie wordt verleend voor 30 jaar vanaf de datum van het collegebesluit (of uitzonderlijk 50 jaar, indien het gaat om de omzetting van een eeuwigdurende concessie.)
De concessie wordt steeds aangegaan voor het lopende kalenderjaar plus de looptijd van de concessie.
Artikel 13: Aanvang, einde en verlenging van termijnen
De eerste termijn begint te lopen vanaf de datum van het collegebesluit. Iedere verlenging van een concessie gaat in op 1 januari van het jaar dat volgt op de aanvraag.
Het eindigen van een termijn om welke reden dan ook, heeft steeds tot gevolg dat de termijn nooit meer verlengd kan worden, waardoor alle graftekens van rechtswege eigendom van de gemeente worden en het graf ontruimd kan worden.
Het verstrijken van de termijn van de concessie mag niet tot gevolg hebben dat het stoffelijk overschot gedurende minder dan 10 jaar begraven blijft. De verplichte voorgeschreven grafrust dient steeds te worden gerespecteerd.
Op schriftelijk verzoek en voor het verstrijken van de toegekende concessietermijn kan een concessie verlengd worden.
Een concessie kan enkel verlengd worden met een concessietermijn van 30 jaar, de eeuwigdurende concessie kan enkel verlengd worden met een concessietermijn van 50 jaar. De retributie is gelijk aan deze van een nieuwe concessie.
Verlengingen kunnen enkel geweigerd worden als blijkt dat op het moment van de aanvraag de concessie verwaarloosd is of de eerste termijn verstreken is.
Artikel 14: Bekendmakingen – eindigen termijnen
Bekendmakingen aangaande het aflopen van termijnen of voorgenomen beslissingen omtrent een graf of begraafplaats, geschieden steeds op dezelfde wijze.
Dit gebeurt door gedurende minstens 1 jaar voorafgaand aan het verlopen van de termijn, een bekendmaking hieromtrent aan het betreffende graf te plaatsen, ook aan de ingang van de begraafplaats en via andere gemeentelijke informatiekanalen.
Bijgevolg krijgen belanghebbenden de gelegenheid de verlenging van de concessie aan te vragen of om graftekens weg te nemen.
Artikel 15: Voortijdige beëindiging
Het college van burgemeester en schepenen kan een perceel in concessie of een nis in concessie wegens openbaar belang, dienstnoodwendigheden, door de rechtelijke overheid bevolen of in geval van wijziging van de bestemming van de begraafplaats (sluiting van de begraafplaats), voortijdig beëindigen.
In dit geval kan de concessiehouder geen aanspraak maken op enige vergoeding.
De concessiehouder heeft wel recht op het bekomen van een nieuw perceel of een nieuwe nis op dezelfde of op een andere begraafplaats in de gemeente.
Hiertoe wordt gedurende 1 jaar voorafgaand aan de voorziene uitvoering van deze beslissing een bekendmaking gedaan zoals bepaald in artikel 14.
De kosten van overbrenging van de stoffelijke overschotten en van de graftekens of eventueel een vervangende grafkelder, zijn in dat geval ten laste van de gemeente.
Artikel 16: Voortijdige beëindiging op aanvraag
Het college van burgemeester en schepenen kan tevens een concessie voortijdig beëindigen op schriftelijk verzoek van de meest belanghebbende. De betaalde retributie voor de concessie kan noch geheel, noch gedeeltelijk teruggevorderd worden.
Hiertoe wordt gedurende 1 jaar voorafgaand aan het nemen van de beslissing een bekendmaking gedaan zoals bepaald in artikel 14.
Bezwaren tegen een voortijdige beëindiging moeten schriftelijk worden ingediend bij het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 17: Eeuwigdurende concessies
Telkens na 50 jaar en zonder vergoeding kan de concessie, die krachtens het keizerlijk decreet van 23 prairial jaar XII werd verleend voor de inwerkingtreding van de wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, op aanvraag hernieuwd worden voor een termijn van 50 jaar.
Hiertoe wordt gedurende 1 jaar voorafgaand aan het verlopen van de concessie een bekendmaking gedaan zoals bepaald in artikel 14.
Op schriftelijk verzoek, overeenkomstig de procedure voorzien voor verlenging van een concessie in dit reglement, wordt de hernieuwing in dit geval toegestaan voor een termijn van 50 jaar.
HOOFDSTUK 3: LIJKBEZORGING
Artikel 18: Bewaring, eerbied en vervoer van een overledene
De overledene moet in een doodskist of een ander lijkomhulsel geplaatst worden. Het gebruik van omhulsel, die de natuurlijke en normale ontbinding van het lijk of de crematie beletten, is verboden.
Met eerbied voor een afgesproken ceremonie waar plaats is voor een bepaald eerbetoon en afscheidsritueel, wordt het toezicht op vervoer en begraving ordelijkheid en welvoeglijkheid uitgeoefend door de gemeenteoverheid.
Artikel 19: Aangifte en vaststelling van overlijden
Elk overlijden of het ontdekken van een stoffelijk overschot in de gemeente moet zonder verwijl aangegeven worden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand.
Het overlijden wordt door de ambtenaar van de burgerlijke stand vastgesteld op basis van een getuigschrift, afgeleverd door de behandelende geneesheer of een geneesheer hiertoe aangesteld door de ambtenaar van de burgerlijke stand.
Artikel 20: Formaliteiten
Diegenen die voor de begraving, opgraving of herbegraving instaan, regelen met het gemeentebestuur de formaliteiten.
Bij gebrek daaraan doet het gemeentebestuur het nodige.
Artikel 21: Termijn voor begraving
Tenzij in speciale gevallen en op advies van de behandelende geneesheer vindt ten vroegste 24 uur na het overlijden de begraving van niet-gecremeerde stoffelijke overschotten of de crematie, met de daarop volgende de begraving, de berging of de verstrooiing van de as, plaats.
Artikel 22: Bepalingen begravingen
Bovengrondse begravingen zijn niet toegelaten.
Artikel 23: Taak van de gemeente
Uitsluitend gemachtigden van de gemeente zijn ertoe bevoegd te zorgen voor:
1. het delven van een graf voor begravingen of bijzettingen in volle grond en het vullen van de kuil;
2. het plaatsen van nieuwe grafkelders of het openen en sluiten van bestaande grafkelders;
3. het openen, plaatsen en afsluiten van de nis in een columbarium, urnenkelder of urneveld door middel van een afdekplaat.
4. het voeren van controles op de naleving van dit reglement
Alle gegevens over de begraving, bewaring of uitstrooiing van de as op de gemeentelijke begraafplaats worden met nauwkeurige aanduiding van de plaats ervan bijgehouden in een register en digitaal bijgehouden per begraafplaats.
Voor de uitstrooiing van de as beperkt de nauwkeurige aanduiding van de plaats zich tot de vermelding van de strooiweide.
Voor de begraving of de uitstrooiing op de sterretjesweide beperkt de nauwkeurige aanduiding zich tot de vermelding van de sterretjesweide.
Artikel 24: Lijkbezorging van behoeftigen
Er wordt in een behoorlijke wijze voorzien in de lijkbezorging van behoeftigen. De daaruit voortvloeiende kosten zijn ten laste van het OCMW waar zij in de bevolkingsregisters, het vreemdelingen- of wachtregister zijn ingeschreven.
Artikel 25: Percelen voor begravingen - grafzerken
Een nieuw te plaatsen monument volgt nauwgezet de uitgezette lijn van de reeds eerder geplaatste grafmonumenten:
1. In gewone grond 1 persoon (niet geconcedeerd)
De percelen voor het begraven in gewone grond van een niet-gecremeerd lichaam zijn 210 cm bij 80 cm. De zerken dienen aan volgende afmetingen te beantwoorden : 180 cm bij 80 cm met een maximum hoogte (rugzerk) van 100 cm.
2. In gewone grond 1 of 2 personen boven elkaar (geconcedeerd)
De percelen voor het begraven in gewone grond van een niet-gecremeerd lichaam zijn 210 cm bij 80 cm. De zerken dienen aan volgende afmetingen te beantwoorden : 180 cm bij 80 cm met een maximum hoogte (rugzerk) van 100 cm.
3. In grafkelder
De geconcedeerde percelen voor het begraven in een grafkelder van 1 of 2 lichamen of van één lichaam en één asurn zijn 230 cm bij 100 cm. Het gemeentebestuur plaatst de grafkelders in eigen beheer of in aanbesteding. Deze bestaan uit een betonnen kelder met deksel. De zerken dienen aan volgende afmetingen te beantwoorden: 230 cm bij 100 cm met een maximum hoogte (rugzerk) van 100 cm.
4. In urnengraf (niet geconcedeerd)
De percelen voor het begraven van 1 gecremeerd lichaam in niet-geconcedeerde grond zijn 100 cm bij 100 cm. Het grafmonument voor een urnenveld moet vervaardigd zijn uit jasberggraniet en aan de volgende voorschriften voldoen:
Lessenaarsmodel met platte sluitsteen van 60 cm x 60 cm, onderstel van 55 cm x 55 cm met aan de voorzijde een hoogte van 10 cm en achteraan een hoogte van 15 cm. Alle onderdelen hebben een dikte van 3 cm en de opstaande wanden worden in verstek gezaagd. De keuze van de belettering is vrij, net als het aanbrengen van een foto of een ander gedenkteken met een maximum hoogte van 20 cm.
5. In urnengraf (geconcedeerd)
De percelen voor het begraven van 1 of 2 gecremeerde lichamen in grond in concessie zijn 100 cm bij 100 cm. Het grafmonument voor een urnenveld moet vervaardigd zijn uit jasberggraniet en aan de volgende voorschriften voldoen:
Lessenaarsmodel met platte sluitsteen van 60 cm x 60 cm, onderstel van 55 cm x 55 cm met aan de voorzijde een hoogte van 10 cm en achteraan een hoogte van 15 cm. Alle onderdelen hebben een dikte van 3 cm en de opstaande wanden worden in verstek gezaagd. De keuze van de belettering is vrij, net als het aanbrengen van een foto of een ander gedenkteken met een maximum hoogte van 20 cm.
6. In urnenkelder
De geconcedeerde percelen voor het onderbrengen van 1 of 2 asurnen zijn 100 cm bij 100 cm.
Het gemeentebestuur plaatst de urnenkelders in eigen beheer of in aanbesteding. Deze bestaan uit een kelder met deksel. Het grafmonument voor een urnenkelder moet vervaardigd zijn uit jasberggraniet en aan de volgende voorschriften voldoen:
Lessenaarsmodel met platte sluitsteen van 60 cm x 60 cm, onderstel van 55 cm x 55 cm met aan de voorzijde een hoogte van 10 cm en achteraan een hoogte van 15 cm. Alle onderdelen hebben een dikte van 3 cm en de opstaande wanden worden in verstek gezaagd. De keuze van de belettering is vrij, net als het aanbrengen van een foto of een ander gedenkteken met een maximum hoogte van 20 cm.
7. In columbarium
De gesloten nissen voor bijzetting in het columbarium zijn bestemd voor maximum 1 gecremeerd lichaam zonder concessie en voor 2 gecremeerde lichamen in concessie.
8. Strooiweide
De uitstrooiing geschiedt op een daarvoor bestemd perceel van de begraafplaats door middel van een strooitoestel.
Op de strooiweide bestaat de mogelijkheid om een naamplaatje op een gedenkteken te laten aanbrengen. Dit naamplaatje wordt aangekocht bij de begrafenisondernemer en wordt door hem of haar geplaatst.
Het plaatje is zilverkleurig en meet 11 cm hoog bij 15 cm breed.
9. Kinderbegraafplaats
Op de kinderbegraafplaats kunnen kinderen tot een maximumleeftijd van 12 jaar kosteloos, zoals bepaald in artikel 5, of met een concessie, zoals bepaald in artikel 10, begraven worden.
De percelen voor het begraven van kinderen tot en met 12 jaar zijn 210 cm bij 80 cm.
De zerken dienen aan volgende afmetingen te beantwoorden : 180 cm bij 80 cm met een maximum hoogte (rugzerk) van 100 cm.
De percelen voor een gecremeerd lichaam van kinderen tot en met 12 jaar 100 cm bij 100 cm
Het grafmonument moet aan de volgende voorschriften voldoen:
Lessenaarsmodel met platte sluitsteen van 60 cm x 60 cm, onderstel van 55 cm x 55 cm met aan de voorzijde een hoogte van 10 cm en achteraan een hoogte van 15 cm. Alle onderdelen hebben een dikte van 3 cm en de opstaande wanden worden in verstek gezaagd. De keuze van de belettering is vrij, net als het aanbrengen van een foto of een ander gedenkteken met een maximum hoogte van 20 cm.
Wordt ervoor gekozen om kinderen in een andere grafvorm, niet op de kinderbegraafplaats, te laten begraven, dan gelden de specificaties van die andere grafvorm.
10. Sterretjesweide
Op de sterretjesweide kunnen levenloos geboren kinderen ongeacht de duur van de zwangerschap kosteloos begraven of uitgestrooid worden.
Bij begraving wordt het al dan niet gecremeerde lichaam begraven onder een stenen ster, met een maximum diameter van 30 cm, die gelijk met het maaiveld geplaatst wordt.
Op de ster dient een naamplaatje met de naam en voornaam van het levenloos geboren kind bevestigd te worden. De ster alsook het naamplaatje worden door de ouders aangekocht via de begrafenisondernemer, die de ster plaatst.
Een kind dat na de 180ste dag van de zwangerschap levenloos geboren wordt, kan op vraag van de nabestaanden, begraven worden op de kinderbegraafplaats.
HOOFDSTUK 4: CREMATIE
Artikel 26: Formaliteiten
De crematie is onderworpen aan de formaliteiten bepaald bij het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging.
Artikel 27: Asbestemmingen
Asbestemmingen zijn:
1. begraving of bijzetting van de asurn op het urnenveld van de begraafplaats;
2. begraving of bijzetting in een urnenkelder van de begraafplaast (bijkomend punt)
3. bijzetting van de asurn in het columbarium van de begraafplaats;
4. uitstrooiing van de as op het daartoe bestemde perceel van de begraafplaats (strooiweide);
5. bijzetting van de asurn in een bestaande kelder of graf (zie artikel 9): bestaande concessie in volle grond)
Artikel 28: Wijziging bestemming
Onverminderd de naleving van de laatste wilsbeschikking inzake de wijze van lijkbezorging, overeenkomstig artikel 15 van het decreet, kan een asurn op vraag van de nabestaanden en mits toestemming van de burgemeester, opgegraven worden om te worden verstrooid of om te worden bijgezet in een concessie.
Artikel 29: Strooiweide
Het uitstrooien van de as gebeurt op de strooiweide, die aanwezig is op elke gemeentelijke openbare begraafplaats.
HOOFDSTUK 5: OPGRAVINGEN, HERBEGRAVINGEN EN ONTRUIMINGEN
Artikel 30: Opgravingen
Opgravingen voor het verstrijken van de tienjarige grafrust zijn enkel mogelijk op bevel van de gerechtelijke overheid, die de voorwaarden daartoe bepaalt.
Artikel 31: Herbegravingen
1. Op aanvraag van de nabestaanden of belanghebbenden van de overledene
1.1 Heraanleg
In geval van herbegraven moet door de burgemeester een toelating verleend worden tot herbegraven op een gemeentelijke begraafplaats.
Als een overledene in een andere gemeente wordt herbegraven, moet zowel de burgemeester van de gemeente waar de overledene begraven werd, als de burgemeester van de gemeente waar hij of zij wordt herbegraven, toestemming verlenen voor het opgraven van het stoffelijk overschot.
Het stoffelijk overschot moet onmiddellijk naar de nieuwe bestemming worden vervoerd en begraven, mits inachtneming van alle voorschriften ter zake.
In geval van crematie wordt de as behandeld overeenkomstig artikel 19 en 24 van het decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging van 16 januari 2004. Wanneer na de ontgraving van een stoffelijk overschot een crematie volgt, moet een toelating tot crematie van de procureur des Konings bij het dossier gevoegd worden.
1.2 Retroactieve thuisbewaring
De aanvraag tot retroactieve thuisbewaring van een urne uit een niet-geconcedeerd perceel of nis, bij toepassing van artikel 24 en 24 bis van het decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, zoals tot op heden gewijzigd, moet schriftelijk worden ingediend bij het college van burgemeester en schepenen door zowel de echtgeno(o)t(e) of diegene met wie de overledene een feitelijk gezin vormde als door alle bloed- of aanverwanten van de eerste graad of, indien het om een minderjarige gaat, op verzoek van de ouders of voogd.
De aanvraag tot retroactieve thuisbewaring kan éénmalig ingediend worden en dit tot zolang de procedure van ontruiming van de niet-geconcedeerde graven loopt.
De plaats van bewaring of verstrooiing wordt in de aanvraag omschreven.
Wanneer de thuisbewaring ophoudt, kan de as van de overledene uitgestrooid worden op de strooiweide van één van de gemeentelijke begraafplaatsen of kan de asurne terug worden bijgezet of begraven in een concessie op één van de gemeentelijke begraafplaatsen.
De aanvraag tot retroactieve thuisbewaring van een urne uit een geconcedeerd perceel of nis kan ingediend worden tot zolang de termijn van de concessie loopt of tot zolang de procedure van de hernieuwing van de concessie loopt. De plaats van bewaring of verstrooiing wordt in de aanvraag aangeduid. De aanvraag tot retroactieve thuisbewaring kan slechts éénmaal worden ingediend.
De aanvraag tot retroactieve thuisbewaring wordt gedurende een periode van 6 maanden aangekondigd aan de betrokken nis of aan het betrokken perceel.
De geconcedeerde nis of perceel wordt gedurende een termijn van 2 jaar bewaard. Wanneer de thuisbewaring na de termijn van 2 jaar ophoudt, kan de as van de overledene uitgestrooid worden op de strooiweide van één van de gemeentelijke begraafplaatsen of kan de asurne terug worden bijgezet of begraven worden in een concessie op één van de gemeentelijke begraafplaatsen.
2. In opdracht van het college van burgemeester en schepenen
Voor dienstnoodwendigheden of in het kader van een herinrichting van de begraafplaats kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om na de tienjarige grafrust de overledene te herbegraven op een andere plaats gelegen op dezelfde of een andere begraafplaats in de gemeente Galmaarden.
De herbegraving zal geen afbreuk doen aan de oorspronkelijke voorwaarden en de kosten hiervoor zullen volledig gedragen worden door het gemeentebestuur.
De herbegraving zal minimum 3 maanden voor de uitvoering ervan schriftelijk medegedeeld worden aan de nabestaanden.
Artikel 32: Aanvraag tot opgraving of herbegraving
De aanvraag tot opgraving of herbegraving dient door de meest belanghebbende schriftelijk te worden gericht aan de burgemeester. Onverminderd het recht van de burgemeester om in de toelating bijzondere voorwaarden op te leggen, moeten steeds volgende beschikkingen worden nageleefd:
1. dag en uur waarop de opgraving zal geschieden, worden in overleg met de dienst van de begraafplaatsen vastgesteld;
2. het grafteken, de beplantingen en alle andere voorwerpen die het openleggen van het graf kunnen bemoeilijken of beletten, moeten verwijderd worden door de aanvrager vooraleer tot de opgraving wordt overgegaan;
3. behoudens een gerechtelijke ontgraving geschiedt het openleggen van het graf, het openen van de grafkelders, het lichten van de kist uit het graf en het vullen van de kuil, door de zorgen van een private onderneming op kosten van de aanvrager en dit onder toezicht van een gemachtigd ambtenaar;
4. het openen van de nis, het uitnemen van de urn uit de nis en het terug sluiten van de nis geschieden door de zorgen van de gemeente.
Artikel 33: Nadere bepalingen
Behalve bij gerechtelijk bevel worden vanaf 1 oktober tot 30 november en op zaterdagen en zon- en feestdagen geen opgravingen verricht. Tijdens de opgraving wordt de plaats ervan voor het publiek visueel afgeschermd en geheel of gedeeltelijk afgesloten.
Er moet tot een opgraving worden overgegaan in aanwezigheid van de grafmaker en een gemachtigde door de burgemeester aangesteld.
Zij zien erop toe dat de welvoeglijkheid en de openbare gezondheid worden beschermd op kosten van de aanvrager.
Bij de opgraving moet het kerkhof geheel of gedeeltelijk gesloten worden.
Artikel 34: Kosten
Alle kosten zijn ten laste van de aanvrager(s).
Artikel 35 : Ontruimingen
Ontruimingen kunnen plaatsvinden nadat de termijn van een graf of nis, om welke reden ook, verlopen is.
In het geval de ontruiming betrekking heeft op één of meer niet-gecremeerde lichamen, zullen de onverteerde resten in een hiertoe aangewezen, algemeen graf geplaatst worden.
In het geval de ontruiming betrekking had op één of meer gecremeerde lichamen, dan zal de as worden uitgestrooid op de daartoe bestemde plaats of op de andere wijzen zoals bepaald in artikel 24.
De graven op de kinderbegraafplaatsen en de sterretjesweide komen nooit in aanmerking voor ontruiming.
HOOFDSTUK 6: GRAFTEKENS, GRAF- OF HERDENKINGSSTENEN - EN BEPLANTINGSWERKEN
Artikel 36: Plaatsing van graftekens
Tenzij de overledene anders heeft beschikt of zijn verwanten zich ertegen verzetten, heeft een ieder het recht op het graf van zijn verwant of vriend een grafteken te laten plaatsen zonder afbreuk te doen aan het recht van de concessiehouder.
Artikel 37: Vereisten
een (tijdelijke) afbakening, in duurzame materialen, met vermelding van de naam en de voornaam van de overleden persoon (of personen) met zijn/haar datum of jaartal van geboorte en overlijden.
of
een grafzerk waarop minstens verplicht is te vermelden: de naam en de voornaam van de overleden persoon (of personen) met zijn/haar datum of jaartal van geboorte en overlijden.
De grafmonumenten moeten voldoen aan de volgende voorwaarden voorzien in artikel 25.
Eventuele verzakkingen van grafzerken zijn volledig ten laste en op kosten van de nabestaanden of belanghebbenden.
Artikel 38: Nadere bepalingen
1. Het is niet toegelaten graftekens te plaatsen die door hun vorm, hun afmetingen, hun opschriften of aard van de materialen, de zindelijkheid, de gezondheid, de veiligheid en de rust op de begraafplaats kunnen verstoren of schaden of de bepalingen van onderhavig reglement niet respecteren. Het college van burgemeester en schepenen zal hier via een aangestelde regelmatig op toezien. Overtredingen worden ten laste gelegd van de aanvrager en door hem gefinancierd.
2. Bij grafkelders in concessie is de plaatsing van een grafzerk steeds verplicht.
3. De graftekens zijn gedurende de concessie eigendom van de nabestaanden of belanghebbenden en moeten zodanig opgericht en onderhouden worden dat zij de veiligheid en de doorgang niet belemmeren en dit zonder schade of belemmeringen aan te brengen aan de aangrenzende graftekens en graven.
4. De nissen en de afdekplaten voor het columbarium worden geleverd, geplaatst en zo nodig vervangen door het gemeentebestuur. De opbouw en het aanbrengen van de foto’s en de opschriften op de afdekplaten dient te gebeuren door de nabestaanden of belanghebbenden, die de kosten hiervoor draagt.
5. Ongeacht het begravingstype zullen de graftekens steeds de naam, voornaam en de datum of het jaartal van geboorte en overlijden (en eventueel de naam, de voornaam van de nog levende echtgeno(o)t(e), of wettelijke samenwoner vermelden).
Artikel 39: Plaatsing grafstenen
Bijkomende bepalingen:
1. Alvorens op de begraafplaats te worden toegelaten, moeten de voor het grafteken bestemde materialen volledig afgewerkt en gekapt zijn en klaar om onmiddellijk geplaatst te worden.
2. Geen enkel hulpmateriaal, restmateriaal mag binnen de omheining van de begraafplaats worden achtergelaten na de werkzaamheden.
3. De materialen worden aangevoerd en geplaatst naarmate de behoeften en zullen nooit opgeslagen worden op de begraafplaats.
4. Het plaatsen van de grafstenen kan enkel tijdens de normale werkuren en slechts na (telefonische) afspraak met de ploegbaas van de gemeentelijke technische dienst.
De plaatsing, de herplaatsing, het wegnemen of de verbouwing van graftekens en van aanplantingen worden uitgevoerd onder toezicht van de gemeentelijke overheid en binnen de termijn, die zij bepaalt. Met het oog op het uitoefenen van dit toezicht dienen voormelde werkzaamheden het voorwerp uit te maken van een voorafgaandelijke schriftelijke aanvraag te richten aan de ambtenaar van de burgerlijke stand of diens gemachtigde. Deze schriftelijke aanvraag moet minimaal 1 week voor de plaatsing worden uitgestuurd en vermeldt de vormgeving, materiaal gebruik en de afmetingen van het te plaatsen grafteken. De graftekens kunnen pas geplaatst worden na schriftelijke toelating van het gemeentebestuur.
5. Na een zonder gevolg gebleven ingebrekestelling wordt er op bevel van de burgemeester van ambtswege overgegaan tot het wegnemen van de niet-conforme materialen op kosten van de overtreder.
6. Voor het bijplaatsen van een lichaam moet de grafsteen door de steenkapper of via de begrafenisondernemer weggenomen en teruggeplaatst worden. Van elke eventuele beschadiging wordt akte genomen door de aangestelde op de gemeentelijke begraafplaats, dewelke hiervan onverwijld de ambtenaar van de burgerlijke stand of diens gemachtigde op de hoogte stelt. In ieder geval draagt het gemeentebestuur geen enkele verantwoordelijkheid voor eventuele schade bij het uitoefenen van voormelde werkzaamheden.
Indien de aangestelde op de gemeentelijke begraafplaats het nodig acht dat bij werkzaamheden aan een graf, naastliggende graftekens eveneens dienen weggenomen te worden uit veiligheidsoverwegingen en/of om schade te voorkomen, worden de betrokkenen hiervan vooraf op de hoogte gebracht teneinde de wegname ervan op hun kosten te verrichten of laten te verrichten door een aannemer van hun keuze.
7. Grafstenen worden niet verplaatst door de gemeentelijke diensten.
8. Rond de graven mogen geen afsluitingen of omheiningen geplaatst worden; in voorkomend geval zullen deze door de gemeentelijke diensten verwijderd worden.
9. Kniel- en bidbanken zijn niet toegelaten en zullen in voorkomend geval door de gemeentelijke diensten verwijderd worden.
Artikel 40: Herdenkingssteen strooiweide
Op de strooiweide is een herdenkingssteen geplaatst waarop een zilverkleurig identificatieplaatje van 10 cm hoog bij 15 cm breed kan worden aangebracht.
Dit identificatieplaatje vermeldt de naam en voornaam van de overledene.
Optioneel kan ook het geboorte- en overlijdensjaar vermeld worden.
De plaats voor dit plaatje op de gedenksteen is gratis voor een periode van 10 jaar.
Deze periode kan niet verlengd worden.
Bloemen en kransen die op de strooiweide worden geplaatst zullen ten laatste na 1 maand verwijderd worden door de gemeentelijke diensten.
Artikel 41: Aanplantingen
De aanplantingen moeten derwijze aangelegd en onderhouden worden zodat zij zich niet uitbreiden buiten de afmetingen toegewezen aan het graf, noch het zicht op de identificatiegegevens op het grafteken belemmeren. De hoogte moet beperkt worden tot 50 cm.
De aanleg en het onderhoud van de aanplantingen zijn strikt privé en zullen nooit door de gemeentelijke diensten uitgevoerd worden.
Privé-aanleg van planten of bloemen voor, tussen of achter de graven is verboden.
In voorkomend geval zullen deze verwijderd worden door de gemeentediensten.
HOOFDSTUK 7: ONDERHOUD VAN DE GRAVEN
Artikel 42: Bloemen
De bloemen en planten, die op de graven aangebracht werden, moeten steeds in goede staat onderhouden worden.
Wanneer ze afgestorven zijn of overlast bezorgen, moeten ze verwijderd worden.
Indien dit niet gebeurt zal de opruiming gebeuren door de gemeentelijke diensten.
Artikel 43: Allerheiligen
1. De scheefstaande of omgevallen graftekens moeten uiterlijk veertien dagen voor Allerheiligen door toedoen van de nabestaanden of belanghebbenden terug rechtgezet of verwijderd worden;
2. De aangevoerde grafsteen of graftekens die twee werkdagen voor Allerheiligen bij de sluiting van de begraafplaats niet zouden geplaatst zijn, moeten door toedoen van de betrokken nabestaanden of belanghebbenden daags nadien voor 10u verwijderd zijn, zo niet zullen grafstenen, graftekens en andere voorwerpen op risico en ten laste van de overtreder en zonder enig verhaal opgeruimd worden door de gemeentelijke diensten.
Artikel 44: Verwaarlozing
De belanghebbenden zijn verantwoordelijk voor het onderhoud van de graven. Wanneer een graf doorlopend onzindelijk, door plantengroei overwoekerd, vervallen, ingestort of bouwvallig is, wordt een akte van verwaarlozing opgesteld door de burgemeester of zijn gemachtigde.
Die akte blijft een jaar lang bij het graf en aan de ingang van de begraafplaats aangeplakt.
Na het verstrijken van die termijn en bij niet herstelling wordt op bevel van de burgemeester van ambtswege overgegaan tot afbraak of tot het wegnemen van de materialen op kosten van de in gebreke blijvende nabestaanden of belanghebbenden.
Daarenboven kan het college van burgemeester en schepenen een einde stellen aan het recht op concessie.
HOOFDSTUK 8: BIJZONDERE GRAVEN
Artikel 45: Graven met lokaal historisch belang
Het college van burgemeester en schepenen kan autonoom of in overleg met de betrokken belanghebbende(n) beslissen welke graven van lokaal historisch belang zijn.
Het betreft uitsluitend graven waarvan de concessie- en/of begravingstermijn verstreken is.
Deze grafmonumenten worden gedurende 50 jaar bewaard. Deze termijn is verlengbaar.
Het onderhoud is ten laste van het gemeentebestuur.
In geval van sluiting van de begraafplaats of een gedeelte ervan, worden deze graven overgebracht naar de nieuwe begraafplaats. De hieraan verbonden kosten vallen integraal ten laste van het gemeentebestuur.
Artikel 46: Peterschap
Eenieder kan een aanvraag indienen om het peterschap over een bepaald grafmonument te verwerven.
Het peterschap kan enkel aangevraagd worden voor grafmonumenten van een geconcedeerd perceel, opgenomen in een procedure van ontruiming en voor grafmonumenten, van een geconcedeerd perceel, opgenomen in een procedure van hernieuwing van concessie, waarvan de concessie niet hernieuwd wordt.
De aanvraag tot peterschap wordt schriftelijk ingediend bij het college van burgemeester en schepenen en moet gemotiveerd worden.
Het college van burgemeester en schepenen kent het peterschap toe. Het gemeentebestuur blijft eigenaar van het grafmonument. In het betrokken perceel worden geen nieuwe begravingen toegestaan.
Door de toekenning van het peterschap verbindt de aanvrager er zich toe om, gedurende een welbepaalde periode, een welbepaald grafmonument te onderhouden. De aanvrager mag onderhouds- en restauratiewerken uitvoeren, zonder de oorspronkelijke staat van het grafmonument te wijzigen.
Voor het peterschap wordt een overeenkomst gesloten. Hierin worden de richtlijnen van de restauratie en het onderhoud van het grafmonument opgenomen, alsook de termijn van het peterschap.
De aanvrager is aansprakelijk voor eventuele schade aan het grafmonument die, als gevolg van werken, in zijn of haar opdracht zijn uitgevoerd.
De verwerving van het peterschap is gratis. De aanvrager kan geen aanspraak maken op vergoedingen of compensaties.
Artikel 47: Oud-strijders
Op elke gemeentelijke begraafplaats worden de oud-strijders geëerd.
Het betreft de oudstrijders en gelijkgestelden (houders van het Oorlogskruis, krijgsgevangenen en politiek gevangenen) van beide wereldoorlogen, die minstens 10 jaar in de bevolkingsregisters of in het vreemdelingenregister van de gemeente ingeschreven waren.
Hiertoe krijgt hun graf het statuut van “lokaal historisch waardevol graf” en zal dit graf gedurende een periode van 50 jaar bewaard worden. Deze termijn is verlengbaar.
Om dit statuut te verwerven dienen de nabestaanden of belanghebbenden in bezit te zijn van volgende documenten:
- een kaart, m.n. de vuurkaart (1914-1918) of de strijderskaart (1940-1945), afgeleverd door de bevoegde dienst van het Ministerie van Landsverdediging.
of
- een attest, afgeleverd door dezelfde dienst van het Ministerie van Landsverdediging, waaruit blijkt dat betrokkene aan de voorwaarden voldeed om vermeldde kaart te bekomen.
De aanvraag tot het bekomen van het statuut “lokaal historisch waardevol graf” kan gebeuren door iedere belanghebbende bij het college van burgemeester en schepenen, mits voorlegging van de documenten waaruit blijkt dat aan de voorziene voorwaarden werd voldaan.
De aanvraag kan enkel ingediend worden op het ogenblik van zijn overlijden.
Eens dit statuut verworven is, kan dit niet meer gewijzigd worden.
Latere bijbegravingen of bijzettingen zijn niet mogelijk.
Het gemeentebestuur zal op eigen kosten instaan voor de aankoop en de eventuele vervanging van de staande zerk en de naamplaat van oud-strijders op voorwaarde dat de oud-strijder op het daarvoor voorziene oud-strijdersperk werd begraven.
Het onderhoud van deze graven is ten laste van de nabestaanden of belanghebbenden of bij gebrek hieraan ten laste van het gemeentebestuur.
Artikel 48: Geestelijken
Op elke gemeentelijke begraafplaats worden geestelijken, die vallen onder artikel 3 (punten 1-5), geëerd.
Hiertoe krijgt hun graf het statuut van “lokaal historisch waardevol graf” en zal dit graf gedurende een periode van 50 jaar bewaard worden. Deze termijn is verlengbaar.
HOOFSTUK 9: SLUITING VAN DE BEGRAAFPLAATS
Artikel 49: Sluiting
De gemeenteraad bepaalt de datum waarop niet meer begraven wordt op de bestaande begraafplaats.
Een afschrift van deze beslissing wordt minstens 1 jaar voor de definitieve sluiting van de begraafplaats aan de ingang ervan uitgehangen.
De gesloten begraafplaats wordt in de staat gelaten waarin ze zich bevindt.
Gedurende ten minste tien jaar mag er geen gebruik van worden gemaakt.
Na die periode of ten minste tien jaar na de laatste begraving, waarbij de inschrijving in het begrafenisregister als bewijs geldt, kan de gemeenteraad beslissen een andere bestemming te geven aan de oude begraafplaats.
In geval van sluiting en/of wijziging van de bestemming van de begraafplaats kunnen de concessiehouders geen aanspraak maken op enige vergoeding. Zij hebben slechts recht op het bekomen van een perceel of nis van dezelfde afmetingen op een andere gemeentelijke begraafplaats, tot het einde van de concessietermijn.
Het recht op het kosteloos bekomen van een nieuw perceel of nis is afhankelijk van het indienen van een aanvraag door enige belanghebbende, binnen een termijn van 1 jaar, volgend op de bekendmaking van de beslissing tot sluiting.
De kosten voor het overbrengen van de stoffelijke overschotten zijn ten laste van het gemeentebestuur.
De kosten voor het overbrengen van de grafmonumenten evenals de kosten van een vervangende grafkelder zijn ten laste van diegenen die de overbrenging hebben aangevraagd.
HOOFDSTUK 10: SLOTBEPALING
Artikel 50: Gevallen die niet voorzien zijn
Alle niet in dit reglement voorziene gevallen worden beslecht door het college van burgemeester en schepenen of de burgemeester, in zoverre deze niet door een wet, besluit of decreet aan een andere overheid worden toegewezen.
De gemeenteraad wordt op de eerstvolgende zitting van de genomen collegebeslissing in kennis gesteld.
Artikel 2:
Het gemeenteraadsbesluit van 29 november 2019 houdende goedkeuring reglement over de gemeentelijke begraafplaatsen Galmaarden, Herhout, Tollembeek en Vollezele wordt opgeheven, zodat bijgevoegd reglement over de begraafplaatsen in werking treedt op 1 februari 2023 en alle vorige reglementering vanaf die datum vervangt.
De gemeenteraad dient het beheer van de premies rationeel watergebruik door Fluvius te herzien.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40, 285-288, 330-334
De richtlijn 2000/60/EG van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid
De richtlijn 91/27/EG van 21 mei 1991 inzake de behandeling van stedelijk afvalwater
Het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne
Het gemeenteraadsbesluit van 29 januari 2013 houdende de goedkeuring van het subsidiereglement ‘Aanleg gescheiden afvoersysteem van hemelwater en huishoudelijk afvalwater bij bestaande gebouwen – aanpassing’
Fluvius zal met ingang van 1 januari 2023 een uniform en vernieuwd premiestelsel voor rationeel watergebruik invoeren, ter vervanging van het actueel bestaand systeem.
Specifiek voor de gemeenten die deel uitmaken van RIOBRA geldt op vandaag nog een autonoom premiesysteem. De overgang naar het vernieuwde premiestelsel, zoals door de Raad van Bestuur van RIOBRA aangegeven in zitting van 21 maart 2022, zal een individuele gemeenteraadsbeslissing vergen om de bevoegdheid tot het toekennen en uitkeren van RWG-premies aan Fluvius toe te vertrouwen.
In het vernieuwde premiestelsel zal Fluvius aan iedere burger die aan de premievoorwaarden voldoet, een premie voor gescheiden afvoer toekennen ten bedrage van 500€, een premie voor een hemelwater- en/of infiltratievoorziening toekennen ten bedrage van max. 250€. Deze premies zullen vanaf 2023 niet langer worden aangerekend op het gemeentelijk investeringsfonds voor riolering, maar worden integraal door Fluvius ten laste genomen vanuit de werkingsmiddelen.
Met het oog op een uniforme premieregeling voor alle Fluvius-gemeenten wil Fluvius aan de gemeenten die deel uitmaken van RIOBRA vragen om middels een gemeenteraadsbeslissing te kennen te geven akkoord te gaan met de toepassing van het vernieuwd premiestelsel. De gemeenten behouden de vrijheid om zelf nog aanvullende premies aan hun inwoners toe te kennen. Het huidige autonome premiesysteem van RIOBRA dooft uit tegen uiterlijk 31 december 2023.
De gemeente neemt voor de activiteit riolering deel aan de Opdrachthoudende vereniging Riobra.
De statuten van Riobra hebben onder meer als voorwerp:
I. De conceptie, de realisatie, het onderhoud en de exploitatie, in de ruimste betekenis van die termen, van alle netten van leidingen, rioleringen, kunstwerken en inrichtingen van alle aard die op het grondgebied van de aangesloten gemeenten moeten dienen voor de opvang en de beheersing van het afvalwater en hemelwater om het, al dan niet na een zuiveringsbehandeling, aan de natuur terug te geven; alle verrichtingen die rechtstreeks met het voorwerp van Riobra inzake afvalwater en hemelwater verband houden.
Deze in sub I genoemde activiteit wordt hierna verder “activiteit rioleringen” genoemd.
II. ……
III. Riobra mag voorts alle technische, commerciële, administratieve, economische, financiële, sociale en andere verrichtingen doen en deelnemen aan alle bedrijvigheden die met dit voorwerp, zoals beschreven in sub I en II van dit artikel, verband houden.
Deze verrichtingen en bedrijvigheden kan zij ook waarnemen in samenwerking met of door het participeren in andere opdrachthoudende verenigingen of met andere privaat- of publiekrechtelijke rechtspersonen, en in het algemeen door het leveren van diensten en openbare nutsvoorzieningen en door het ter beschikking stellen van knowhow in verband met nutsvoorzieningen, één en ander binnen de beperkingen van het Decreet.
De gemeente heeft aldus de aanleg en het beheer van haar rioleringsnet en de hierbij horende activiteiten toevertrouwd aan Riobra.
De opdrachthoudende vereniging Riobra doet voor de uitvoering van haar activiteiten een beroep op de exploitatiemaatschappij Fluvius System Operator cv (hierna Fluvius).
Fluvius wil in het kader van de rioleringsactiviteiten en in opdracht van deze rioleringsbeheerder een ecologisch ondersteunend beleid voeren om de diverse gebruikers van het rioleringsnet aan te sporen om hemelwater maximaal te hergebruiken en ter plaatse te infiltreren, om hemelwater volledig gescheiden te houden van afvalwater en om te voorkomen dat hemelwater in het rioleringsnet terechtkomt.
Fluvius wil voor al de klanten van de rioleringsnetbeheerders voor wie zij optreedt, een uniform en laagdrempelig premie-aanbod rationeel watergebruik ter beschikking stellen.
Fluvius voorziet per 1 januari 2023 in verschillende premies rationeel watergebruik bij bestaande particuliere woningen voorziet, namelijk voor de plaatsing van een hemelwaterput met nuttig gebruik, de plaatsing van een infiltratievoorziening en voor de aanleg van een gescheiden privéwaterafvoerstelsel.
Fluvius streeft naar maximale efficiëntie en administratieve vereenvoudiging bij de uitvoering van deze taak, zowel voor Fluvius zelf als voor de aangesloten gemeenten.
Bij gemeenteraadsbesluit van 29 januari 2013 werd het subsidiereglement ‘aanleg gescheiden afvoersysteem van hemelwater en huishoudelijk afvalwater bij bestaande gebouwen’ goedgekeurd. De aanvraag tot subsidie werd behandeld door Riobra en de uitbetaling gebeurde met middelen uit het investeringsfonds.
Er zal aanvullend een lokaal premiereglement voorbereid worden dat aan de gemeenteraad wordt voorgelegd.
Artikel 1:
Fluvius krijgt van de gemeente de opdracht en de bevoegdheid om alle premiereglementen, die verband houden met een rationeel watergebruik bij de eindklanten, volledig te beheren, wat onder meer inhoudt:
Fluvius zal op geregelde tijdstippen (minstens 1x / kwartaal) een lijst bezorgen van de uitgekeerde premies in de gemeente rekening houdend met de rechten van de betrokkenen en regels van de AVG. De gemeente kan – indien zij dit wenst - zelf een bijkomende aanvullende premie uitkeren waarbij gelijkaardige voorwaarden gehanteerd worden als in het Fluvius-reglement. Dit overzicht bevat de gegevens die Fluvius gebruikt heeft voor het uitbetalen van de premie(s) rationeel watergebruik, nl. naam en adres van de klant, de benaming van de premie, het uitgekeerde premiebedrag, de kosten die de klant gemaakt heeft en eventuele bijlagen gevoegd bij de aanvraag.
Artikel 3:
Het gemeenteraadsbesluit van 29 januari 2013 houdende de goedkeuring van het subsidiereglement ‘Aanleg gescheiden afvoersysteem van hemelwater en huishoudelijk afvalwater bij bestaande gebouwen – aanpassing’ wordt opgeheven.
Artikel 4:
De dienst grondgebiedzaken - milieu bezorgt een kopie van dit besluit aan Fluvius en aan de financiële dienst.
Ref. 840.1
De gemeente Roosdaal vraagt het mandaat om als aankoopcentrale voor het project "Pajotse Toerismepunten" de overheidsopdracht voor een fietsdeelsysteem te organiseren.
Het decreet lokaal bestuur, artikel 40, 41, 285-288, 330-334
De Leaderoproep voor projecten in het pajottenland tussen 1 juli 2019 en 31 januari 2020
Het gemeenteraadsbesluit van 29 oktober 2019 houdende projectoproep Pajottenland+: leefbaarheid en dynamiek in het Pajottenland verhogen – inrichting mobipunt met de goedkeuring van de samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente Galmaarden en Pajopower vzw voor het project ‘Sociale mobipunten in het Pajottenland’
Het collegebesluit van 24 maart 2020 houdende de samenwerkingsovereenkomst “Pajotse Toerismepunten” – principiële goedkeuring intentieverklaring
Het gemeenteraadsbesluit van 2 juni 2020 houdende bekrachtiging intentieverklaring samenwerkingsovereenkomst “Pajotse toerismepunten”
Het collegebesluit van 30 september 2020 houdende de samenwerkingsovereenkomst “Pajotse toerismepunten” – bevestiging goedkeuring subsidie en aanvaarden voorstel verminderen investeringskot deelfietsen
Het collegebesluit van 6 januari 2021 houdende de samenwerkingsovereenkomst “Pajotse toerismepunten” – goedkeuring verderzetting opdracht consulant
Het collegebesluit van 28 juli 2021 houdende de samenwerkingsovereenkomst “Pajotse toerismepunten” – aanwerving voor ambassadeurschap
De totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 205.700,00 euro (inclusief 21% BTW). De ontvangst hieraan gekoppeld via de subsidie van de Vlaamse Landmaatschappij bedraagt 65% of 133.705,00 euro.
De uitgaven en inkomsten worden grotendeels verrekend via de aankoopcentrale gemeente Roosdaal. De netto kosten per gemeente worden jaarlijks doorgerekend vanuit de gemeente Roosdaal.
De kredieten voor deze actie zijn voorzien onder jaarbudgetrekening 2020/ACT-68/0350-00/61430070.
De operationele (huur)kosten van het systeem die na de opstartfase aangerekend worden vanaf de effectieve start van de huur, zullen rechtstreeks gefactureerd worden ten bedrage van een zesde aan elke deelnemende gemeente. Dit deels voor 2023 en gedurende de verdere looptijd (60 maanden) van het fietsdeelsysteem.
Het project Pajotse Toerismepunten voorziet in de plaatsing van 4 elektrische fietsen met fietsdeelsysteem per deelnemende gemeente (Roosdaal, Lennik, Gooik, Pepingen, Herne, Galmaarden) op de Mobipunten om toeristen en inwoners de mogelijkheid te geven om op deze manier de streek te leren kennen of bezoeken en zo van mobiliteitsmodus te veranderen.
De aanbesteding voor een fietsdeelsysteem op basis van leasing of huur kwam als meest realistische optie uit het eindverslag van de marktverkenning van Scelta Mobility. Het gaat over de huur van 24 e-bikes (4 per deelnemende gemeente) met deelsysteem waarbij de aanbieder moet instaan voor de volledige ontzorging om zo een minimale bijkomende belasting van de gemeentediensten te bekomen. Er is een verplichte eigendomsoverdracht nodig op het einde van de huur volgens de richtlijnen van de Vlaamse Landmaatschappij waardoor dit eveneens werd opgenomen in het bestek.
De opdracht zal worden afgesloten voor een duur van 60 maanden. Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking. Lokaal Bestuur Roosdaal treedt op als aankoopcentrale voor Gemeente Gooik, Gemeente Herne, Gemeente Galmaarden, Gemeente Pepingen en Gemeente Lennik bij de gunning van de opdracht.
Artikel 1:
De gemeenteraad mandateert de gemeente Roosdaal om op te treden als aankoopcentrale voor het voeren van de plaatsingsprocedure voor de overheidsopdracht (ref. 2022024) ‘Fietsdeelsysteem Pajotse Toerismepunten’.
Artikel 2:
De dienst vrije tijd - toerisme bezorgt een afschrift van dit besluit aan de gemeente Roosdaal.
Mondelinge vragen
GOEDKEURING NOTULEN.
In toepassing van artikel 32§3 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad werd vastgesteld dat gedurende de raadzitting geen bemerkingen werden gedaan in verband met het verslag, zodat de notulen van de vorige raadzitting van werden goedgekeurd.
Namens Gemeenteraad,
Kristof Andries
algemeen directeur
Gunther De Smedt
voorzitter raad